Talentontwikkeling

Ons uitgangspunt is de overtuiging dat iedereen een schat aan mogelijkheden in zich draagt waarmee je een waardevolle en unieke persoonlijkheid kunt opbouwen.
In ons opvoedingsproject kan je lezen dat één van de doelen van ons onderwijs en onze samenwerking is: bijdragen tot de vorming van een mens die zichzelf kent, die gelukkig is met zichzelf, die hoopvol en ambitieus naar de toekomst kijkt, die op zijn manier iets voor anderen betekent.

Onze school is een gemeenschap van leerlingen, leerkrachten, ondersteunend personeel en leidinggevenden. Ieder lid van die gemeenschap krijgt er, op zijn niveau en conform zijn functie, ruimte om zijn mogelijkheden te ontdekken. Iedereen heeft de verantwoordelijkheid om, ook in het belang van de school, zijn talenten te ontwikkelen en er iets mee te doen. We stimuleren en ondersteunen elkaar daarin op formele en informele reflectiemomenten.
We leveren kwaliteit als we erin slagen de talenten van onze leerlingen en van ons als begeleiders, maximaal tot ontwikkeling te brengen. Daarbij gaan we ervan uit dat àlle talenten -hoe verschillend ook hun aard en toepassingsdomeinen zijn- voor de persoon en voor de gemeenschap waardevol kunnen zijn. Niet iedereen moet hetzelfde kunnen.
Bij ons intern overleg en onze samenwerking brengen we respect op voor de verschillende capaciteiten van onze collega’s.

Wat de leerling wél kan, plaatsen we in onze pedagogische relaties op de voorgrond, veeleer dan datgene waarin hij moeilijkheden ervaart. We spreken in het team in constructieve termen over onze leerlingen. We stralen vertrouwen in de mogelijkheden van elke leerling uit. Dat houdt niet enkel in dat we waarderen wat de leerling al bereikt heeft, maar ook dat we elke leerling laten blijken dat we van hem verwachten dat hij het beste van zichzelf geeft.
We sluiten met onze leerstof zoveel mogelijk aan bij de belangstelling van de leerlingen, hun ervaringen op een bepaald gebied, hun vragen aan de wereld en het leven, hun belevingswereld en de uitdagingen in hun jonge leven hier en nu.
Kennis verwerven is een element van vaardigheid en houdingen verwerven, maar geen doel op zich. We geven voorrang aan doelstellingen die te maken hebben met ‘kunnen’ en ‘zijn’, met competenties waar ze in het leven iets mee zijn.
We creëren op school een leeromgeving die de leerling uitdaagt om te zoeken naar wat goed past bij zijn mogelijkheden en zijn belangstelling. Het handboek is daarbij een hulpmiddel. Het stelt een leerlijn voor en interessante taken bij de leerdoelen, maar het is geen keurslijf. We doorbreken bewust de beperkte, schoolse ‘visvijver’.

We kiezen bij voorkeur voor open taken, opdrachten die uitnodigen om een probleem op een creatieve, eigen manier op te lossen, activiteiten waar je als leerling iets van jezelf in kan leggen of waarbij je een onvermoed talent in jezelf kan ontdekken. De leerlingen krijgen in de lessen zoveel mogelijk de gelegenheid om hun eigen keuzes, oplossingswegen of beweegredenen uit te leggen of te motiveren.
Het aanwenden van onze materiële middelen, de verdeling van onze onderwijstijd, de groepering van onze leerlingen en het gebruik van onze infrastructuur dragen ertoe bij dat de talenten van elk van onze leerlingen maximale ontplooiingskansen krijgen.

Op vlak van pedagogisch didactische begeleiding of nascholing plaatsen we het thema ‘differentiëren’ voorop.
Binnen de klas of klasoverstijgend werken we zowel met homogene als heterogene groepen. Om de leerlingen de kans te geven verschillende talenten te ontdekken, kiezen we vooral voor heterogene groepen. Om de uitdaging voor alle leerlingen voldoende groot te maken, kiezen we soms voor homogene groepen.
Specifiek voor het secundair onderwijs maken we de keuze voor een leerlingengroepering en een oriënteringspraktijk waarbij elke leerling zijn mogelijkheden kan ontdekken en zo in een studierichting terecht komt die hem de best mogelijke ontwikkelingskansen geeft.

Bij het aanschaffen van leermiddelen: schoolboeken, spelmateriaal, educatieve software, experimenteer- of constructiemateriaal, gestructureerde internetomgevingen … , onderzoeken wij of ze de mogelijkheid bieden om te differentiëren. We kijken bijvoorbeeld of zij voor het nastreven van eenzelfde doelstelling uiteenlopend leermateriaal of verschillende leerpaden ter beschikking stellen. Een ander keuzecriterium is of de aangeboden evaluatie-instrumenten een gedifferentieerde evaluatie ondersteunen.
Leerlingevaluatie is op onze school altijd een instrument om een leerling in zijn ontwikkeling of leren te ondersteunen. Daarom zijn de observatie van de leerlingen en de analyse van de processen die aan de basis van een leerresultaat liggen, voor ons van wezenlijk belang.
Immers, de vooruitgang van de individuele leerling in vergelijking met het niveau dat hij al bereikt had in de voorafgaande onderwijsperiode is het belangrijkste criterium bij de beoordeling. Voor de waardering van de prestaties van een leerling vergelijken we de leerling dus veeleer met zichzelf dan met de globale prestaties van de klas.
Onze evaluatie moedigt de leerling aan. Bij elk evaluatiemoment geven we de leerling hefbomen om te ontdekken wat hem helpt of hindert om te vorderen. En we stimuleren hem om -voor zichzelf- de lat weer iets hoger te leggen.

Op diverse manieren de talenten van alle leerlingen in beeld brengen: talentenboek, -muur, -boom, portfolio, vrij podium, talentenbeurs, website, facebook, schoolkrantje, talentenagenda’s ….
Ook talenten van leerkrachten (h)erkennen, tonen en benutten.
Plezante vrijdag, samen eten, schoolradio … momenten om verborgen talenten te ontdekken en te waarderen.
Leerlingen uitnodigen om eigen creaties mee te brengen.
Muzische vorming invullen met toonmomenten van de leerlingen.
Complimentenpost-its op een complimentenbord.
Talentgroepjes oprichten: zangkoortje, musiceergroep, gezelschapsspelletjes, breiclub, leesclub, ICT …. Iedereen welkom.
Een talentendag organiseren met verschillende werkwinkels (proevertjes), op schoolniveau of per leerjaar.
Sportactiviteiten organiseren tijdens de middag.
Een veelzijdig ingerichte speelplaats, gericht op talentontwikkeling.

Loskomen van vaste thema’s en onderwerpen.
Leerlingen meer inbreng geven rond thema’s en activiteiten. De vraag stellen: “Waarover wil je leren?”
Durven differentiëren:

– Huiswerkdifferentiatie – Werken met homogene en/of heterogene groepen – Lesinhouden, leertrajecten op maat aanbieden. – Differentiëren binnen de talenten, niet enkel binnen de leerstof – …

Leerlingen betrekken bij de manier van differentiëren.
Peer teaching.
Keuze-uur (sport, multimedia,…) aanbieden.
Maatregelen nemen ten voordele van het ontwikkelen van talenten, bijvoorbeeld
CLIM*-methodiek/principe gebruiken als middel om die talenten te ontwikkelen. (* Coöperatief Leren in Multiculturele groepen).
Meespelen met kleuters zodat je meer kans hebt om hun talenten te ontdekken en erop in te spelen.
Budget voor hoekverrijking, gedifferentieerde materialen, keuzeactiviteiten.

Constructieve en positieve communicatie naar leerlingen en ouders.
Leerlingen niet klassikaal aanspreken op hun tekorten.

Leraren aanzetten tot degelijke, evenwichtige observaties en evaluaties, bijvoorbeeld via een kijkwijzer die de blik van leraren ook richt op het positieve/ de talenten van leerlingen.

Op evaluatiedocumenten ruimte voorzien om systematisch talenten/interesses te noteren.
Breed evalueren: verschillende manieren van evalueren hanteren (in gesprek gaan, observeren, zelfevaluatie a.d.h.v. evaluatiewijzer, peerevaluatie …).
Zowel de leerling als de leerkracht evalueert.
Bij de evaluatie naast werken met punten, ook werken met constructieve symbolen en woordcommentaren.

Werken met groeirapporten.
Tijdens MDO’ s, oudercontacten, klassenraden, informele contacten …vertrekken vanuit het welbevinden van de leerling, de integratie in de klas, van wat ze al wel kunnen …
In het woordje van de leerkracht op het rapport het positieve benadrukken. Het moet bemoedigend en motiverend voor de leerling zijn zodat hij/zij stappen kan zetten om verder te groeien.
Meer aandacht besteden aan een opbouwende communicatiestijl: geen rode balpen in agenda, niet met ‘niet’ of ‘maar’ communiceren …
De individuele evolutie van de leerling benoemen.
Bij de studiekeuzebegeleiding van een leerling voldoende aandacht besteden aan zijn talenten.
Leerlingencontacten (cf. oudercontacten) organiseren.